Goed kunnen luisteren, empathisch zijn en met respect, niet oordelend een gesprek kunnen leiden zijn vaardigheden die je nodig hebt om antwoorden uit te lokken die resulteren in een interessant interview. Docent Nederlands Jan van Deutekom stimuleert zijn 5 VWO leerlingen om elkaar te leren kennen door de juiste interviewtechnieken toe te passen. En zo maken zij ook kennis met het vak van redacteur/journalist. In deze nieuwe rubriek vroeg Pieter Klaver het hemd van het lijf van Senne over de speciale band tussen tweelingen, de uitdagingen en de misvattingen.
Door Pieter Klaver
Identiek en uniek met een gezonde portie competitie
Het gaat wel om een speciale band. Het is een andere band dan een normale broer of zus hebben. Je begrijpt elkaar altijd meteen en goed, toch is er heel veel competitie tussen ons. We zitten allebei in dezelfde levensfase en dus doen we bijna alles tegelijkertijd. Elke dag is eigenlijk een unieke ervaring met hem, maar ik kan niet echt een specifieke unieke ervaring noemen, omdat we gewoon elke dag samenleven. Je zou kunnen zeggen dat het leven op zichzelf al een unieke ervaring is, hoewel het voor mij niet meer zo voelt, omdat het meestal dezelfde routine is. Het enige verschil is dat we een identieke tweeling zijn die met elkaar het leven delen en overlappen.
Van verveling is geen sprake
Als je je verveelt heb je altijd iemand om te irriteren. Ook als je met iemand wilt praten en je wil dat liever niet met je ouders of vrienden doen, heb je altijd een tweelingbroer die even oud is en nagenoeg dezelfde dingen heeft meegemaakt. Als je het nodig hebt dan is hij de persoon waaraan niemand aan kan tippen. Aan de andere kant er zijn ook uitdagingen met een tweelingbroer, niet geïrriteerd worden natuurlijk “Want dan slaan we elkaar de pan uit”. Er is altijd wel sprake van onderlinge ruzies en strijdlustigheid tussen broers en zussen. Bij een tweeling is dat denk ik nog erger, omdat je nog meer op elkaars lip zit.
Bij kattenkwaad van de een wordt de ander aangekeken
Eigenlijk loop je altijd wel met de achterliggende gedachten dat je niet uniek bent, maar dát maakt het zijn van een tweeling juist zo uniek. Het is niet dat ik er dagelijks mee geconfronteerd word op een vervelende manier, maar het komt wel degelijk vaak voor. Wat er vaak gebeurt is dat als één iemand van ons kattenkwaad uithaalt, wordt de ander daar ook gelijk mee geassocieerd. Zo wordt er regelmatig één van ons gediscrimineerd. Elke keer als het bij mij gebeurt denk ik altijd “dat ben ik niet, ik heb daar niets mee te maken”. Zulke dingen gebeuren eigenlijk alleen als het om iets negatiefs geladen gaat. Wanneer er iets positiefs te melden is over één van ons zit er altijd wel een naam bij het verhaal en “dan is het niet meer die twee maar hij”.
Alles samen ontdekken en delen en je beste spiegel in huis
Eigenlijk is een tweelingboer als een extra spiegel in huis. Dit is omdat je best veel van elkaar kan afkijken en dus een soort van reflectie van je eigen gedrag terugziet. Je krijgt en geeft constant feedback aan elkaar, waarmee je elkaar scherp houdt. Daarnaast is een tweelingbroer ook een soort uitlaatklep, we delen niet altijd onze diepste problemen, maar we kunnen wel goed afleiding bij elkaar zoeken. Het opgroeien met een tweelingbroer heeft me tot nu toe geleerd om alles samen te ontdekken en te delen. We hebben samen veel meegemaakt, wat ons sterker heeft gemaakt. Het heeft me ook geleerd om buiten mijn comfortzone te stappen, omdat we elkaar altijd hadden om op terug te vallen. Dit heeft mijn sociale vaardigheden en zelfstandigheid tot op zekere hoogte bevorderd.
Ieder zijn weg maar met hetzelfde doel
Voor de puberteit waren we echt op veel verschillende vlakken hetzelfde, zoals: sport, vrienden, kledingstijl, favoriete eten et cetera. Maar we worden nu allebei steeds ouder en gaan onszelf dus steeds meer ontdekken. Mijn broer is gestopt met sporten en heeft andere hobby’s gekregen. We zijn ook bewust naar andere middelbare scholen gegaan zodat ons leven wat meer zou gaan verschillen. Wel hebben we allebei het doel om rijk te worden in het leven. Maar dit willen we bijvoorbeeld niet in dezelfde werkvelden proberen.
Absoluut geen Kaïn en Abel
In onze jeugd was er veel concurrentie tussen ons met sporten maar vooral op school. Daardoor kregen we af en toe nogal heftige ruzies. Inmiddels zijn we wat ouder en doen we niet echt meer dingen die ten koste gaan van elkaar. Op dit moment in ons leven is het een gezonde vorm van concurrentie. Ik denk niet dat het zo zeer was dat we elkaar naar beneden wilden halen. Je wilt alleen maar dat je zelf beter wordt. Daardoor denk ik dat we met deze concurrentie juist elkaar omhooghalen, en de beste versie van ons naar boven komt. Het feit dat een enkele cel zich kan ontwikkelen tot twee unieke personen is op zichzelf al bijzonder. Hoewel ik er niet vaak aan denk, is het een fascinerend aspect van tweelingen en biologie in het algemeen. Wat ik nog meer fascinerend vind, is het feit dat we genetisch gezien identiek zijn. Onze opvoeding en levenservaringen hebben ook invloed gehad op hoe we ons ontwikkeld hebben als persoon. Hoewel we in hetzelfde huishouden zijn opgegroeid, hebben we allebei onze unieke ontwikkeling door gemaakt. Ik denk dat het goed is dat we niet alleen dezelfde ervaringen delen, maar ook ons eigen pad volgen. Dit stelt ons in staat om verschillende perspectieven en inzichten te verwerven, wat onze band als tweeling alleen maar sterker maakt. Het maakt ons verhaal des te boeiender en unieker.
Je bent eigenlijk zo anders dan je tweelingbroer
Er zijn zeker misvattingen en stereotypes over tweelingen waar we ooit mee te maken hebben gekregen. Mensen denken al snel dat als ze één van ons kennen, de ander precies hetzelfde zal zijn. Maar in werkelijkheid hebben we onze eigen unieke karakters en interesses. Het gebeurt regelmatig dat mensen ons ontmoeten en dan verrast zijn door de verschillen tussen ons, bijvoorbeeld als we een avondje uit gaan met vrienden en ze hebben gedronken, krijgen we soms opmerkingen als: “Je bent eigenlijk zo anders dan je tweelingbroer.” Het is grappig hoe mensen eerst weinig verschil verwachten, maar later beseffen dat er wel degelijk verschillen zijn.




